yvonne's columns en kinderverhaaltjes

Tippeltje de mier

Tippeltje de mier en het konijn in de goochelaarshoed,

 

Het is een koele Zomeravond in het Toverhazelaar bos. Alle bos dieren zitten gezellig rond het haardvuur bij elkaar. Ze vertellen elkaar spannende verhalen over tovenaars en heksen, en over alle avonturen die ze al met elkaar hebben beleefd.

“Ik ben benieuwd wat we morgen weer voor spannends zullen beleven” zegt Tippeltje de mier geeuwend. “Ja maar, dat zien we morgen wel weer” zegt Simba de ijsbeer met een diepe grom. Welterusten allemaal, ik ga naar bed.

Eén voor één gaan alle dieren naar bed. Als allerlaatste gaat Benjamin bever, maar niet voordat hij het haardvuur heeft gedoofd.

 

 

Aan de rand van het bos staat een donkere gedaante met een hoge hoed op zijn hoofd. Naast hem staat een klein karretje met de letters “Rabbi’s grote goochelshow” erop.

De donkere gedaante trekt zijn lange jas strak om zich heen en loopt dan met grote passen het Toverhazelaar bos in. Van onder zijn hoed kijken twee ronde kraaloogjes nieuwsgierig onder de rand vandaan. Wat de goochelaar niet in de gaten heeft is dat er een klein wit papiertje uit één van zijn vele zakken valt en wegwaait in de richting van een grote dennenboom. In diezelfde grote dennenboom hangt een raar dier ondersteboven aan een tak. Hij proest het uit als er opeens een wit papiertje aan zijn neus blijft plakken. “Wat is dit nou weer” vraagt het dier zich slaperig af? Met zijn grote klauwen haalt hij het briefje van zijn neus en leest hij wat er op geschreven staat. “Een toverspreuk” zegt het dier verward. Wat doet dat nou hier in het Toverhazelaar bos? Lazy pakt zijn koffers van een dikke tak en gaat op weg om Tippeltje de mier en zijn vriendjes te verassen met een bezoekje.

Ik vraag me af wat dit allemaal te betekenen heeft. Kom, we gaan snel kijken.

 

“Alle me nootjes nog aan toe” roept Tippeltje verschrikt uit als hij ruw uit zijn slaap word gewekt. Nogmaals klinken de lachende en schreeuwende stemmen van kinderen die snel langs Tippeltje zijn huisje rennen. Snel stapt hij zijn bedje uit en rent hij op blote voetjes naar zijn kleine deurtje. Knipperend met zijn oogjes tegen het felle zonlicht stapt Tippeltje naar buiten en trekt zijn rode regenlaarsjes aan. Plotseling, word hij ruw omvergelopen. “Oeps sorry Tippeltje” roepen Jack en Jill de eekhoorns verontschuldigend. We hebben haast. “Ja dat merk ik” roept Tippeltje proestend uit en klopt voorzichtig het stof van zijn kleine lijfje. “Goedemorgen Tippeltje” zeggen Morris en Minnie muis in koor. Heb je toevallig onze kleintjes voorbij zien komen? “Nee” antwoord Tippeltje. Alleen Jack en Jill, en die hebben me zo laten schrikken, dat ik bijna uit mijn rode regenlaarsjes sprong. Op dat moment komen ook Benjamin en Beatrice bever en Meneer en Mevrouw de kip aangelopen. “Waar gaan al die kinderen toch naar toe” vraagt Mevrouw kip een beetje angstig. Er moet iets bijzonders aan de hand zijn. Op dat moment horen ze een bulderende stem. Wat heeft dit allemaal te betekenen? Stelletje schavuiten ik zal jullie……..!! Tippeltje schiet in de lach als hij Simba de ijsbeer aan ziet komen lopen, druk met zijn vuist zwaaiend naar een stel vossen die hem bijna omver lopen. Simba is een ontzettende mopperpot, maar hij heeft een hart van goud. “Geen goede morgen” buldert Simba die nog steeds héél boos achterom kijkt naar de wegrennende vossen. “Wat hebben die kinderen toch” vraagt Tippeltje zich hardop af. Tijd om dat maar eens uit te gaan zoeken.

 

Ze hebben nog maar een paar stappen gedaan als ze in de verte een grote stofwolk aan zien komen. “Dat kan maar één iemand zijn” zegt Tippeltje geschrokken. En voordat hij “Rudy de race rat’’ en ‘’zoek dekking” heeft kunnen zeggen, staat Rudy al breed lachend voor hem. “Goedemorgen allemaal” zegt Rudy lachend. Komen jullie ook naar de voorstelling kijken? Tippeltje en Simba en de rest van de dieren kijken Rudy een beetje boos aan. Hoestend en proestend staat iedereen het stof van zich af te kloppen. “Hee komen jullie nou nog naar de voorstelling kijken” vraagt Rudy nogmaals, terwijl hij ongeduldig van zijn ene op zijn andere poot springt? “Over wat voor voorstelling heb je het jij rare vervelende stofwolk?” vraagt Simba boos. Ik heb zin om je kop van je romp te draaien. Rudy schrikt zich een ongeluk en duikt in elkaar, terwijl hij per ongeluk een windje laat. Nu is het Simba die schrikt en terwijl hij met zijn poten voor zijn neus wappert doet hij een paar stappen opzij.

“Rustig, rustig” zegt Tippeltje voorzichtig, terwijl ook hij met zijn kleine pootjes voor zijn neusje wappert. Laten we snel luisteren naar wat Rudy te vertellen heeft. “Er is een goochelaar aangekomen in het Toverhazelaar bos” roept Rudy uit. Hij heeft een hele hoge hoed op, en een toverstaf in zijn hand. “Kom snel kijken”. Op een drafje rennen alle dieren achter Rudy aan naar de grote open plek in het bos. Daar aangekomen zien ze een lange, magere man staan die helemaal in het zwart gekleed is. Hij heeft inderdaad een hoge hoed op en met een pak kaarten in zijn handen doet hij de meest bijzondere trucjes. Naast de goochelaar staat een tafeltje, en achter de goochelaar hangt een gordijn. Snel zoeken de vriendjes een plaatsje op en gaan zitten om te kijken naar de goochelshow. De goochelaar tovert bloemen uit zijn mouwen en zakdoekjes uit zijn zakken, en muntjes uit zijn oren. Alle dieren klappen hard in hun handen. Zelfs Ursula de wijze uil doet af en toe één oog open om te kijken wat er vlak voor haar grote boom gebeurt.

 

“En dan nu lieve dieren mijn allerlaatste goocheltruc” roept de goochelaar met luide stem. Een groot applaus voor mijn beste vriend Rabbi het goochelkonijn. Alle dieren klappen hard in hun handen en vanachter een blauw gordijntje met gouden sterren verschijnt een konijn. Hij heeft hele lange oren, en zijn vacht is net zo gevlekt als dat van een panter. Het konijn huppelt en danst in het rond terwijl hij een liedje zingt.

Ik huppel, ik huppel vrolijk in het rond,

Ik keutel, ik keutel het liefste op de grond.

Voor een wortel, een wortel oranje en zo zoet,

Spring ik, spring ik in de hoge hoed.

En met een enorme sprong springt Rabbi het konijn op het tafeltje naast de hoge hoed van de goochelaar.

En dan nu lieve dieren van het Toverhazelaar bos ga ik Rabbi laten verdwijnen in mijn hoge hoed.

De goochelaar pakt zijn zwarte toverstaf en roept heel hard:

“Abracadabra simsala Rabbi, met je pluizige lieve snoet,

Verdwijn nu met je billen in mijn hoge hoed”.

Met een sprong springt Rabbi in de hoge hoed. De goochelaar geeft een tik met zijn toverstok tegen de hoge hoed en een grote dikke rookwolk verschijnt. De goochelaar tilt de hoed op en draait hem alle kanten op. Hij steekt zelfs zijn hand erin, maar Rabbi is nergens te bekennen.

Alle dieren klappen hard in hun handen en roepen: “oooohhh en hoe kan dat nu”? Waar is Rabbi? Iedereen roept nu door elkaar: “wij willen Rabbi, wij willen Rabbi”. De goochelaar lacht hard en zet de hoge hoed weer op de tafel. “Oke” zegt de goochelaar luid. Let op allemaal. Hij steekt beide armen in de lucht en roept:

“Abrcadabra simsala Rabbi……….”

Vol spanning kijken alle dieren naar de goochelaar en weer roept hij: “Abracadabra simsala Rabbi…….”.

“Wat is Meneer de goochelaar opeens wit geworden” zegt Tippeltje bezorgt tegen Simba. Op dat moment laat de goochelaar zijn armen zakken en begint haastig in al zijn zakken te zoeken. Dan laat hij zijn schouders zakken en begint hardop te snikken. Snel rennen Tippeltje en Simba naar de goochelaar toe. “Wat scheelt eraan” vraagt Tippeltje aan de goochelaar.

“Och och” snikt de goochelaar verdrietig. Het gebeurt me telkens weer. Ik vergeet telkens die toverspreuk. Ik moet mijn briefje zo snel mogelijk vinden anders zijn we Rabbi voorgoed kwijt.

“Ojee dit is vreselijk” roepen alle dieren in koor. En iedereen begint als een dolle te zoeken naar het papiertje met de toverspreuk. Rudy de race rat laat overal grote stofwolken achter als hij van hot naar her rent met zijn super snelle pootjes. Jack en Jill de eekhoorns springen van boom naar boom en de bevers knagen zelfs boomstammen door in de hoop de spreuk te vinden. Net op het moment dat alle hoop verloren lijkt klinkt er opeens een luid: “Hallooooooooooo”. Alle dieren stoppen met waar ze mee bezig zijn en kijken naar dat vreemde dier dat vlak bij de open plek op het bospad staat. “Zijn jullie misschien iets kwijt” vraagt het vreemde dier hééééél langzaam? En op dat moment steekt hij een grote klauw in de lucht en aan één van die grote klauwen zit een wit papiertje geprikt.

En dan ineens gebeurt er van alles door elkaar. De goochelaar rent met grote passen naar het vreemde dier en grist het witte papiertje uit zijn klauw. Tippeltje gilt van blijdschap heel hard: “Lazy de luiaard, wat doe jij hier? En alle andere dieren gillen door elkaar. Het is een drukte van jewelste. Maar dan is iedereen opeens stil als er een luide kreet klinkt: “stilteeeee”. Het is Ursula de wijze uil die boos op haar tak zit. “Orde” roept ze nogmaals. Hier hebben we geen tijd voor, we moeten zo snel mogelijk Rabbi terughalen. De goochelaar staat inmiddels weer naast zijn tafeltje met de hoge hoed en met zijn toverstok in zijn hand. Snel kijkt hij nog één keer naar het witte papiertje en stopt het dan in één van zijn vele zakken. “Zit iedereen klaar” buldert de stem van de goochelaar? Dan gaan we nu beginnen. Helpen jullie mij mee?

Abracadabra simsala Rabbi,

voor een wortel en wat toverkruid,

Kom jij de hoge hoed wel uit.

Nu tellen we met zijn allen tot tien,

En dan willen we je lange oren zien.

Eén, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht, negen, tiennnnn. De goochelaar gooit een hand toverkruid de lucht in en met de toverstok tikt hij hard tegen de hoed. Dan volgt er een harde klap, een rookwolk en duizend sterren. En als de rook langzaam optrekt, verschijnt er eerst één oor en dan nog een oor uit de hoed en dan een konijn met het vachtje als dat van een panter. “Hoeraaaaa” klinkt er uit tientallen kelen. Het is gelukt. “pff eindelijk” zegt Rabbi met een diepe zucht. Ik dacht dat ik voor altijd in die hoed moest blijven zitten. Rabbi en de goochelaar lopen samen naar Lazy de luiaard die half in slaap op een stoel zit. “Dank je wel Lazy” zegt Rabbi zachtjes, je bent de held van de dag. “Ik vind het nogal vermoeiend om een held te zijn” zegt Lazy slaperig. Ik denk dat ik maar een tukje ga doen. En met een luide geeuw sluit Lazy de luiaard zijn oogjes.

Van de goochelaar krijgt Rabbi een enorme wortel in zijn pootjes geduwd. “Alsjeblieft Rabbi” zegt de goochelaar, dat heb je wel verdient. “Nou zeker weten” zegt Rabbi met een grote glimlach op zijn snuitje als hij een grote hap neemt van de wortel.

Want voor een wortel en een beetje toverkruid, kom ik je hoge hoed wel uit…!!

 

Iedereen lacht om die maffe Rabbi met zijn grote oren, en zijn vachtje als dat van een panter.

De hele nacht lang laat de goochelaar zijn trucjes zien, terwijl iedereen tevreden rond het haardvuur zit. En Rabbi?? Die geniet van zijn welverdiende wortel, en gaat voorlopig de hoge hoed niet meer in.

Dag Tippeltje de mier, dag Rabbi het goochelkonijn. Tot de volgende keer.

 

Dit verhaaltje van Tippeltje de mier draag ik op aan Peter en Heidi van de website “het knapste konijn van Nederland,” voor hun geweldige inzet en actie’s om geld in te zamelen voor konijnen en knaagdieren.

En aan al mijn collega’s van het konijn en knaagdieropvangcentrum het Knaagspoor voor hun geweldige inzet en liefde voor de dieren.

 

Yvonne Tempelaar