yvonne's columns en kinderverhaaltjes

Tippeltje de mier

Tippeltje de mier en de brandweer bijen,

Het had al dagen niet geregend in het Tover Hazelaar bos.

De grond was kurkdroog en de bomen, planten en bloemen

snakten naar een druppeltje water.

Ook de bos dieren waren de aanhoudende droogte meer

dan beu.

Maar er dreigde een nog veel groter gevaar in het Tover Hazelaar

bos.......!!!

Tippeltje de mier steekt voorzichtig zijn kopje buiten de deur van

zijn huisje en ziet dat ook deze dag de Zon weer uitbundig schijnt.

De bloemen voor zijn huisje laten slap hun kopjes hangen en

het gras is geel en dor van de aanhoudende droogte.

Snel doet hij zijn deurtje weer dicht en gaat op zijn rug op zijn

kleine bedje van bladeren liggen.

"Er is echt niks te beleven" zegt hij hardop tegen zichzelf.

Alle dieren blijven binnen vanwege het warme weer en ik

verveel me te pletter..!!

Dan krijgt hij een idee. Tippeltje pakt een grote tas met

spelletjes in, zet een grote zonnehoed op zijn kleine kopje

en gaat op weg naar het huis van Simba de ijsbeer.

Onderweg komt hij geen levend wezen tegen, iedereen houd

zich schuil voor de brandende Zon.

Maar dan ineens hoort hij harde kreten in de verte. Tippeltje

blijft staan om te luisteren en hoort dan dat het kreten om hulp

zijn.

Hij gooit zijn zware tas op de grond en rent richting het hulp geroep.

Als hij vlakbij het grote bos meer is word het geroep luider en dan ineens

ziet hij Storm het stinkdier en Willie het wratten zwijn aan komen rennen.

Ze zijn doodsbang dat ziet Tippeltje meteen en hij rent ze tegemoet.

"Het is verschrikkelijk Tippeltje" gilt Willie buiten adem.

"Zoiets heb je nog nooit gezien" roept Storm naar adem happend.

Benjamin en Beatrice bever die de commotie ook gehoord hebben

vanuit hun dam komen aangerend om te kijken wat er aan de hand is.

Niemand begrijpt een woord van wat Willie en Storm zeggen want

ze schreeuwen steeds door elkaar heen.

Ook Ursula de uil is ondertussen wakker geworden van alle herrie en

,komt aangevlogen.

"Ho ho ho rustig aan jongens" zegt ze met haar krassende stem en

Willie en Storm houden verschrikt hun mond.

Vertel nu eens rustig wat er aan de hand is. "Willie begin jij eerst" zegt

Ursula.

"Ooo het is verschrikkelijk" zegt Willie. Er is brand uitgebroken aan de

rand van het bos. "Ja" snikt Storm onze huisjes dreigen in vlammen

op te gaan.

"Mensen hebben aan de rand van het bos gekampeerd en hebben hun

kampvuur niet goed uitgemaakt" zegt Willie. En nu bedreigt het vuur

niet alleen onze huisjes maar ook het hele bos.

Ursula die niet voor niks zo'n slimme uil is neemt meteen de leiding.

"Jullie gaan met z'n allen de rest van de bos dieren waarschuwen en

rennen dan zo snel als jullie kunnen naar de rand van het bos" zegt

Ursula maar blijf wel op veilige afstand. Ik ga hulp halen.

"Hulp van wie" vraagt Tippelte verbaasd?

"Dat zul je zo wel zien en nu hup hup opschieten" zegt Ursula streng

en vliegt dan met klapperende vleugels snel weg.

Korte tijd later staan alle bos dieren vlak bij de rand van het grote bos

angstig naar de vlammen zee te kijken.

Sommige dieren klampen zich huilend aan elkaar vast.

De eerste rijen bomen zijn al in vlammen opgegaan en nu dreigt

de brand verder het bos in te trekken.

Op dat moment horen ze boven het geluid van de knetterende vlammen een

ander geluid uit komen.

"Zoem zoem zoem wij zijn de brandweer bijen" klinkt het van ver.

Het geluid komt snel dichterbij.

"Zoem zoem zoem wij blussen elke brand" klinkt het nu harder, en dan ineens

zien de dieren waar al dat gezoem vandaan komt

Tussen de bomen vandaan komen ineens honderden bijen aanvliegen

allemaal met een emmertje in hun pootjes.

Om de beurten gooien de bijen hun emmertjes met water leeg boven de

vlammen en vliegen dan weer snel terug naar het grote bos meer

om opnieuw hun emmertjes te vullen met water en komen dan snel weer

terug gevlogen naar de brand.

"Zoem zoem zoem wij zijn de brandweer bijen" klinkt het telkens opnieuw.

Zoem zoem zoem wij blussen elke brand...!!

De bijen vliegen af en aan net zolang tot de brand helemaal geblust is.

De bos dieren klappen luid in hun pootjes als de brandweer bijen even

later met lege emmertjes aan komen vliegen.

"De klussss isss geklaard" zegt een grote gestreepte bij.

"Het gevaar isss geweken" roepen alle andere bijen in koor.

Nog harder klappen de bos dieren en juichen van blijdschap.

"Jullie zijn helden" zegt Tippeltje de mier lachend, echte helden.

"Nee hoor zegt de grote gestreepte bij wij zijn de brandweer bijen,

wij blussen elke brand en dit issss ons werk, ZOEM ZOEM.

De bijen waren die dag echte helden, we moeten er niet aan denken

als zei er niet waren geweest.

Een wijze raad van de bijen, "kijk altijd uit met vuur".

Dag Tippeltje de mier, dag brandweer bijen. Tot de volgende keer..!!